Aart en Afrika

In Mali rommelt het gewoon door

Aart van der Heide. Vanmorgen werd ik vanuit Bamako gebeld. Het werd me duidelijk dat de toestand er sinds mijn vertrek er niet beter op is geworden. De crisis in zowel het noorden als het zuiden van Mali verergert zich. De belangrijkste boodschap was ‘kunnen jullie het sturen van wapens niet stoppen?’. Ik kon alleen maar zeggen dat ik daar totaal geen invloed op heb maar dat ik de boodschap goed begrepen heb.

Mensen in Mali willen rust en vrede en geen wapens en ideologieën. Wij denken dat dit met elkaar verbonden is. Dit keer dus geen happy feeling artikel.

Het noorden van Mali een wespennest
Het is nu twee jaar geleden dat Franse militairen het noorden van Mali bevrijdden van Jihadisten en één jaar dat de Nederlandse militaire missie er binnen kwam. De situatie is niet verbeterd. De vredesbesprekingen in Algiers hebben tot nog toe geen resultaten opgeleverd. De UN-missie MINUSMA is intussen de UN-missie met de meeste doden, allen Afrikaanse militairen. De in de zomer van 2013 gekozen president IBK heeft na iets meer dan een jaar aan de macht te zijn al z’n derde eerste minister benoemd. Het aantal klachten over de toenemende corruptie groeit alleen maar. Een bekende journalist noemt het staatsapparaat door en door verrot. Bijna niemand van de naar Mauretanië gevluchte Toearegs zijn teruggekeerd naar Mali. De aanvallen op het Malinese leger in het noorden van Mali komen steeds frequenter voor en hebben al vele doden geëist. In Bamako is een generaal van het Malinese leger voor zijn huis neergeschoten. Het noorden van Mali wordt een steeds groter wespennest. De Nederlandse militairen die als ‘ogen en oren’ voor de MINUSMA zouden fungeren hebben dit alles niet kunnen voorkomen. Daarbij hebben ze veel van hun geloofwaardigheid verloren door een aantal rebellen die deelnemen aan de vredesbesprekingen te doden. De bevolking van Gao keert zich openlijk tegen de MINUSMA en bij demonstraties daar zijn vermoedelijk door MINUSMA-geweervuur een aantal doden gevallen. Geen positieve berichten dus. Het enige positieve is dat de bevolking zich dag in dag uit staande weet te houden maar zij hebben totaal geen vertrouwen meer in hun leiders en nog minder in hun democratie. Velen verlangen terug naar de stabiele situatie onder Moussa Traoré. Het westen wast zijn handen in onschuld zoals Pilatus deed voordat Jezus op Golgotha gekruisigd werd. Veel wijze Malinezen schudden hun hoofd en zeggen openlijk dat de moderne tijden weinig goeds hebben gebracht. Wij noemen dat globalisering!

De aanval in Tabankort: eerste MNLA-doden door Nederlands geschut
Groot nieuws in Nederland was het bericht dat Nederlandse helikopters een MNLA-voertuig op weg naar Tabankort hebben beschoten waarbij 5 rebellen zijn gedood. Zij waren vermoedelijk op weg om in Tabankort de GATIA-beweging een kopje kleiner te maken. GATIA staat voor ‘Groupe d’Autodéfense Touareg Imghad et Alliés’ met voornamelijk Touaregs van de Imghad-clan die wordt gesteund door het Malinese leger. De Nederlandse militairen die onderdeel uitmaken van de VN-vredesmacht MINUSMA werden door deze actie direct partij. De MNLA keerde zich natuurlijk tegen hen en de bevolking in het zuiden maar ook de overwegend Sonrhai bewoners van Gao staken hun sympathie in het begin niet onder stoelen en banken. Eerst zagen we beelden op de TV van een pro-MINUSMA demonstratie met voornamelijk goed geklede vrouwen en daarna las ik via internet dat jongeren in Gao tegen MINUSMA demonstreerden waarbij ook doden zijn gevallen. De MNLA staakte meteen haar deelname aan de vredesbesprekingen in Algiers en bleek daarmee opnieuw een onbetrouwbare partij in de vredesonderhandelingen te zijn. Nederland werd zonder dat ze het wilden – ik vermoed dat ze het niet beseften – ineens partijdig genoemd. Alles heel begrijpelijk maar dat had ik niet van goede ‘ogen en oren’ verwacht. Kamerlid Jasper van Dijk stelde prompt 9 vragen hierover aan de Ministers van Buitenlandse Zaken en van Defensie. Hun antwoorden zullen ontkennend en afhoudend zijn want de Nederlandse troepen opereren onder VN vlag. Onpartijdigheid in de vorm van hulp aan de stabilisatie en bescherming biedend aan de lokale bevolking was ook onmogelijk in een conflict waar eigenlijk geen oplossing voor bestaat. Wat wel duidelijk wordt is dat deze VN-missie intussen de VN-missie met de meeste slachtoffers is. Alle slachtoffers van de VN-missie zijn Afrikaanse soldaten. Nu de Nederlandse troepen actief betrokken zijn – aanval vanuit Nederlandse helikopters met 5 doden – kunnen onze ministers niet met het argument van onafhankelijke positie komen. Hoe walgelijk de MNLA strategie ook is, ze hebben het slim gespeeld. De ‘ogen en orendoelstelling’ blijkt niet erg effectief te zijn want indien deze activiteit zou werken zouden er minder aanvallen zijn en dus minder doden.

Onze Tweede Kamer
Jasper van Dijk is het enige kamerlid dat vragen stelt aan het kabinet. Hij was ook één van de weinige Tweede Kamerleden die niet erg in deze missie geloofde. Het wordt nu door deze feiten duidelijk dat de zogenaamde 3D-benadering (defence, diplomacy and development) geen schijn van kans had. De diplomacy is mislukt want door op de MNLA te schieten – hoe begrijpelijk ook – kun je niet meer bemiddelen. De development of ontwikkeling had al helemaal geen schijn van kans, ook niet als je veel fondsen hiervoor beschikbaar stelt. Eerst moet er vrede komen en zul je goed moeten begrijpen waarom de strijd in het noorden van Mali gaat. Ik heb al eerder geschreven dat het noorden van Mali iedere dag onveiliger wordt. Zolang het een rotzooi in Libië is zal er geen vrede in het noorden van Mali komen. De Jihadisten komen in grote getale terug. De Fransen trekken zich terug vanwege geldgebrek. De Malinese overheid is grotendeels afwezig in dit strijdgebied. De ontwikkelingsorganisaties zitten allen geconcentreerd in de steden Gao en Tombouctou en kunnen ondanks hun ruime financieringen niets doen. De vraag of de Nederlandse militaire aanwezigheid in het noorden van Mali wel succesvol is kun je objectief niet beantwoorden want je weet niet hoe de situatie zou zijn als ze afwezig zouden zijn. De ‘ogen en orenfunctie’ lijkt tot nog toe weinig resultaat op te leveren gezien de vele aanslagen die op de MINUSMA-eenheden worden gepleegd maar ook op de aanwezige Malinese legereenheden. Vergeet daarbij niet het hoge aantal slachtoffers dat daarbij aan de MINUSMA en legerzijde vallen. De aanslag van vorige week met Apache-helikopters lijkt eerder averechts te werken en zal het vredesproces in Algiers alleen maar bemoeilijken. Een ander gegeven is dat ondanks de MINUSMA aanwezigheid de vijandigheden alleen maar toenemen en de Jihadisten weer van zich doen spreken. Van stabilisatie is ook geen sprake want de demonstratie van jongeren in Gao tegen de MINUSMA aanwezigheid geeft aan dat de lokale bevolking hogere verwachtingen had. Den Haag zwijgt in alle talen. Ik denk dat de twijfel in onze Tweede Kamer alleen maar toeneemt. We moeten wachten tot ons parlement deze inzet op een eerlijke en objectieve manier gaat evalueren maar ik ben bang dat zo langzamerhand iedereen boter op z’n hoofd heeft.

IBK de president verliest steeds meer geloofwaardigheid bij de bevolking
Het zuiden van Mali tot aan Mopti is rustig. De haat tegenover de Toeareg-bevolking neemt toe ook al weten we dat het merendeel van de vele Toearegs in vluchtelingenkampen in Mauritanië zitten. Hoewel Bamako volop leeft neemt de corruptie weer hand over hand toe. Op ministeries wordt bijna niet meer gewerkt. De populariteit van de gekozen president IBK is op een dieptepunt. Hij wordt met een groot aantal schandalen geconfronteerd zoals het dure presidentiële vliegtuig, de over-facturering van wapenaankopen en in het bijzonder door de macht van zijn zoon Karim die in het parlement voorzitter is van de machtige defensiecommissie. Intussen blijkt Karim bij vele grote contracten te bemiddelen. Hij heeft daarbij de rol overgenomen van Madame Lobo, de echtgenote van de verdreven president ATT. Ook mij werden in Bamako contracten via Karim aangeboden maar heb de boot afgehouden door te zeggen dat ik geen business-man ben. Ik vermoed dat IBK beseft dat Mali onder het huidige democratische bewind moeilijk te besturen is. Hij geniet dus openlijk van het feit dat hij eindelijk president is maar beseft mijns inziens wel degelijk dat dat een positie is die je alleen maar kunt behouden als je toegeeft aan het cliëntelisme. Twee weken geleden heeft hij zijn tweede premier in een jaar tijd naar huis gestuurd – de eerste is zelf opgestapt – en vervangen door zijn woordvoerder in Algiers Modibou Keita. Mousa Mara de naar huis gestuurde eerste minister had in Mali óf vurige aanhangers óf vurige tegenstanders. In Mali zegt dat veel. Het zegt ook veel over IBK de president namelijk dat hij geen vat op de situatie krijgt. Het rommelt gewoon door. Geen oplossing voor het noorden van Mali gevonden. Grote werkloosheid. Toenemende corruptie. Bij de gewone bevolking neemt de roep toe om een verlicht despoot die orde op zaken stelt maar deze volkswens klinkt bij de donoren als vloeken in de kerk.

Het Malinese leger
Twee weken geleden bezocht ik het legermuseum (Musée de l’Armée) in Bamako. Een prachtig museum dat de rijke geschiedenis van het Malinese leger tentoonstelt vanaf de koloniale tijd tot aan het einde van de 27 jaar regering van Moussa Traoré. In een onderhoud met de directeur van het museum werd me duidelijk hoe vanaf de introductie van de democratie in 1991 het leger systematisch in sterkte is verzwakt. De democratisch gekozen leiders hadden natuurlijk angst voor een sterk leger dat een staatsgreep zou kunnen plegen. Ik heb via andere bronnen vernomen hoe de kracht van het goed georganiseerde en geëquipeerde leger systematisch bewust werd afgebroken. De democratische leiders lieten op grote schaal corruptie toe binnen de legerleiding om op die manier de sympathie van de legerleiding te winnen. Het is voor mij duidelijk dat een groot land in en onder de Sahara zijn territoriale integriteit alleen maar kan verdedigen met een groot, sterk en goed georganiseerd leger waar ook discipline heerst. De eerste gekozen presidenten hadden hieraan geen behoefte. Ook de grootste donoren waaronder het IMF hadden deze behoefte niet in de jaren negentig van de vorige eeuw. De tweede gekozen president ATT die zelf een generaal was moet dit met lede ogen hebben aangezien. Toen in 2011 in Aguelhock + 100 Malinese soldaten door rebellen en Jihadisten koelbloedig vermoord werden was in feite zijn doodvonnis al geveld. De geschiedenis van het Malinese leger wordt op dit moment opgetekend door de vorige directeur van het Musée de l’Armée. Ik hoop dat hij veel onafhankelijke en ook wetenschappelijke steun uit het buitenland zal krijgen. Ik heb al diverse malen te horen gekregen dat de EU en enkele lidstaten het Malinese leger en ook de politie trainen. Mijn vraag is dan altijd of ze dat echt nodig hebben. In Koulikorou staat een fameuze school de sinds de onafhankelijkheid militairen en officieren heeft getraind uit de gehele west Afrikaanse regio. In Bamako staat in de wijk Tominkorobougou een politie-opleidingsschool die al decennia lang politiemannen en vrouwen heeft opgeleid en getraind. Ooit kwam ik in Mopti Duitse trainers van de politie tegen die geen woord Frans spraken.

Nederlandse hulp aan het Malinese rechtssysteem
De Nederlandse ambassade heeft vorig jaar een groot onderzoek gefinancierd om na te gaan hoe ‘Malinezen’ hun formele rechtssysteem ervaren (zie één van mijn vorige artikelen op deze site). Nu financiert deze ambassade een groot programma van enkele miljoenen Euros om op het platteland zogenaamde ‘para-legals’ op te leiden. Het idee is afkomstig van onder andere de ‘wetswinkels’ die einde vorige eeuw in Nederland ontstonden. Alhoewel ik eerlijke rechtspraak en toegang hiertoe een groot goed vind vraag ik me eerlijk af of je in een dergelijke politiek ongeorganiseerde maatschappij deze parallelle structuren kunt opzetten. De formele rechtspraak in Mali dekt slechts 10-20% van alle geschillen. Daarbij komt dat de traditionele maatschappij nog een goed functionerend rechtssysteem heeft. Neem hierbij ook de nog alom bestaande ongeletterdheid van veel plattelanders en ook van de stadsbewoners en daarbij de nog alom aanwezige standen en klassenmaatschappij. De conclusie lijkt daarbij ook gerechtvaardigd: hebben deze nieuwe rechtelijke structuren in een zo woelige maatschappij enige kans van slagen? Hebben de para-legals enige macht tegen het rechtssysteem dat zonder discipline van bovenaf gemakkelijk tot corruptie vervalt? Ik denk dat velen met mij zullen zeggen van nee! Waarom doen wij het dan? Eenvoudigweg omdat dit mode-onderwerpen in Nederland zijn en we geven Mali daarom geld om deze uit te proberen. Ik stelde de leiders van de organisaties die deze projecten uitvoeren de volgende vraag: ‘Stel dat de Chinese of de Saudi Arabische regeringen Nederlandse organisaties miljoenen subsidie geven met de vraag of centralistische of sharia wetgeving niet beter voor Nederland zou zijn? Wat zouden de politici in Den Haag hierover zeggen? Zeker is dat ze zullen zeggen dat buitenlandse mogendheden zich niet met de Nederlandse rechtssystemen moeten bemoeien. En terecht. Waarom accepteert de Malinese overheid deze bemoeienis dan? Beleefdheid zou je zeggen maar ik denk dat menig Malinees politicus denkt dat het geld welkom is en dat het idee nooit zal aanslaan. Is dit dan een vorm van cultuur-imperialisme of neokolonialisme van ons? Zou een centraal onafhankelijk meldpunt voor schendingen, overtredingen, machtsmisbruik en omkoping etc. dus schending van meest elementaire mensenrechten en een eenvoudige website niet een eerste stap naar rechtvaardigheid zijn? Een organisatie die onafhankelijk kan werken en daarbij wel bescherming kan krijgen. Laten we daar met elkaar over nadenken.

2 Replies to “In Mali rommelt het gewoon door

  1. Beste Aart van der Heide

    De aanhef van het stuk, “In Mali rommelt het gewoon door,”maakte mij nieuwsgierig waardoor ik ben gaan lezen. Meestal lees ik uw verhalen niet omdat ik ze te kort vind doen aan de Malinese bevolking . Ook deze analyse; prachtig en het zal wel kloppen, maar wat zegt het uiteindelijk over de mensen die in Mali leven. Dat mis ik in het betoog. Ik ben eind december in Mali geweest en ben ook geschrokken van het wel en wee in Mali. Mijn bezoek aan Timboektoe stemde me echter hoopgevend terwijl ik heus heb gezien hoeveel kapot is gemaakt en hoe moeizaam de wederopbouw verloopt. Onze school (stichting MaTimBa) draait weer volop en binnenkort zal worden gestart met de renovatie. Er wordt dus wel degelijk hulp, in kleinschalige vorm aangeboden waardoor nu weer 30 kinderen naar school kunnen. Bovendien heb ik een bezoek kunnen afleggen aan de VN troepen (Nigerianen) die daar gelegerd zijn. Zij spannen zich om de stabiliteit in Timboektoe te handhaven en het vertrouwen in het politieapparaat terug te winnen. De inspanningen die worden gedaan door de VN en stichting MaTimBa om mensen en kinderen weer de mogelijkheid te bieden om een “normaal” bestaan op te bouwen, moet naar mijn mening niet worden onderschat. Het vertrouwen en de veiligheid die worden herwonnen zijn een groot goed. Hoe het verder in de toekomst zal gaan dat weet niemand, maar laten we naar de mensen in Mali kijken die net zoals alle mensen op de wereld, een toekomst voor zichzelf en hun kinderen willen, in vrede.

    Groet Helga

    1. Dank je Helga. Ook bedankt voor je inspanningen. Ik ken Mali vrij goed en heb ook lang in Tombouctou en vooral daarbuiten gewerkt zoals in Goundam en Niafunke. Ik luister wel naar de bevolking en probeer daar ook over te schrijven. Veel succes met je werk maar moet je wel zeggen dat ik het Tombouctou zonder blauwhelmen beter ken.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *