Aart en Afrika

Gastvrijheid in Mali

20150719Aart van der Heide. Vrijdagmorgen stond er een verhaal in de Telegraaf hoe de Nederlandse militairen nabij Gao in een dorp hartelijk verwelkomd werden. Normaal krijg je dan een kip of een schaap aangeboden maar deze militairen kregen een vrouw aangeboden. Er werd vriendelijk bedankt maar ook werd de Minusma gender-unit hierover ingelicht.

Deze unit zal dan natuurlijk een hoop kabaal gaan maken. Er zullen rapporten over verschijnen en de gender dames van deze unit zullen zeker naar Gao gaan om dit dorp een bezoek te brengen om te zeggen dat dit vrouwonvriendelijke gebaar niet acceptabel is.
Echter, wat ik niet las is of de vrouwen die aangeboden werden zelf ook gehoord werden. Misschien willen zij graag weg uit die dorpen. Het leven met een Nederlandse man kan voor deze vrouwen een bevrijding betekenen uit haar slavernij.
Waarom schrijf ik hierover? Het doet me denken aan het jaar 1991. Ik reed alleen vanuit Mopti naar Gao in een terreinwagen van World Vision in opdracht van USAID. Op een afstand van 80 km van Gao stond een baché (= peugeot pick-up) met pech aan de weg. Ik stopte 1 km verderop om te zien of dit niet een val was. De man met een tulband op heette Coulibaly en was de eigenaar van een busmaatschappij die tussen Gao en Bamako reed. Hij had pech en ik heb hem toen met mijn terreinwagen naar Gao gesleept. Een week later kreeg ik van hem een vorstelijke maaltijd aangeboden. Na de maaltijd had hij nog iets ‘lekkers’ voor mij. Ik mocht me vermaken met een meisje van 13 jaar. Ik heb het aanbod afgeslagen met de argumenten dat de Malinese wet dat niet toestand en mijn godsdienst ook niet. Later mocht ik wel gratis met de bus mee van Gao naar Segou.
Later hoorde ik in Tombouctou dat de politieke en religieuse elite zich ook vermaakte met jonge meisjes uit arme families die in de ‘cercle de misère’ woonden. Wij steunden toen van uit de Stichting SOH uit Utrecht het onderwijscentrum voor jonge vrouwen van de evangelische kerk. Hier kregen de jonge dames een uitgebreide opleiding die erg veel leek op de vroegere huishoudschoolopleiding in Nederland. In Gao gingen ook jonge dames uit de hogere kringen naar deze opleiding. In Nederland gingen alleen maar meisjes uit de lagere klassen naar de huishoudschool. De hogere klassen hadden hun meisjes op de MMS, HBS of Gymnasium zitten. Emancipatie is een proces en duurt erg lang.
De dorpelingen en ook in 1991 Coulibaly waren verbaasd dat wij weigerden. Wij zeggen dat we dat in ons land niet doen. Als het gebeurt en ontdekt wordt dan volgt er een veroordeling. In mijn geval was er geen haan die er naar kraaide maar de Nederlandse militairen zullen nu door de dorpelingen als ondankbare elementen worden beschouwd. De jonge vrouwen zullen zich afgewezen voelen want die zijn opgevoed met het idee om weldoeners te behagen.
Zelf had ik het gevoel weer een argument te hebben gevonden dat aanwezigheid van blanke troepen in Afrika in 2015 afkeurt. Ik ben benieuwd hoe onze verantwoordelijke ministers deze gebeurtenis beoordelen. De enige impact die deze dorpelingen nu hebben is dat de Afrikaanse dames van de Minusma gender-unit hun werk weer kunnen verantwoorden. De Nederlandse militairen zullen wel weer een lintje krijgen omdat ze 6 maanden daar gediend hebben onder bizarre omstandigheden. Ze moeten ook door de dorpoudsten aangeboden dames weigeren. Eens zei een oud collega die ook jaren in Mali in de hitte had gewerkt en o.a. de positie van vrouwen had proberen te verbeteren: hebben wij ook ooit een lintje voor ons werk gehad? Nee, zei ik maar wij werkten daar ook niet voor een hoger Haags doel. We geloofden toen nog dat we door verbetering van de economie ook het leven van gewone mensen konden verbeteren. In Mali geloven veel mensen daar niet meer in. Ze geven dan als argument dat wij ook inhalige bankiers hebben en politici met grote ego’s. Nu hebben ze ook een nieuw argument en dat is de toenemende armoede in Griekenland. En die ondankbare Nederlandse soldaten willen ook geen Malinese vrouwen hebben die hen aangeboden worden.

4 Replies to “Gastvrijheid in Mali

  1. Hoi aart

    Wat moeten die nederlandse soldaten dan volgens jouw doen nu ze er zijn en dat zijn ze verplicht volgens de nederlandse wet.
    De regering beslist over inzet van het leger.

    1. Eenvoudigste antwoord zou zijn: inpakken en wegwezen. Niemand in Mali en ook niet in Nederland heeft mij kunnen overtuigen van het nut van deze missie. De “ogen en oren” doelstelling werkt volgens mij ook niet want na hun komst constateer ik dat er steeds meer Jihadistische aanvallen zijn. Ook geloof ik niet in de 3D filosofie. Hulpverleners kunnen noch Gao noch Tombouctou uit. Noord Mali is nu volledig geafghanistaniseerd. Waarschijnlijk zullen de Nederlandse soldaten zich wel goed kunnen oefenen in het gebruik van drones en andere moderne technologie maar de belastingbetaler hoeft hier niet voor op te draaien. De MINUSMA is volgens een Nederlandse journalist een van de slechtste UN missies in Afrika. Deze journalist heeft al deze missies met elkaar vergeleken. Wel heb ik gemerkt dat hoe meer Europese soldaten in noord Mali komen dit een reden voor Jihadisten of IS gelieerde groepen is om meer te infiltreren. Mali is hierdoor zoals een Malinees mij in 2013 al zei volledig een Malistan geworden. Het beeld wordt steeds duidelijker vanaf Afghanistan tot west Afrika is de strijd tussen het Westen en alle groepen die zich Jihadisten noemen. Vroeger was dat het westen tegen het oosten. Ik word nu ook bang voor mijzelf want voel nu al: wie niet voor ons is, is tegen ons!

  2. Beste Aart van der Heide,

    Leuk verhaal over een interessant onderwerp. Antropologisch een klassieker waarschijnlijk, ik zou het willen omschrijven als een botsing tussen twee culturen. Het door jou beschrevene overkomt waarschijnlijk veel blanken in ‘Afrika’, ook mij is het overkomen. Ik heb het vooral geïnterpreteerd als een eer die aan de gast bewezen wordt door uiterst gastvrije mensen (al komt het uit een door mannen gedomineerde maatschappij, waarover wel het een en ander te zeggen valt, meer dan hier kan en moet). Mijn afwijzing van het aanbod werd ook niet als een belediging ervaren. Eerder leek het mij dat de gastheer opgelucht was: hij had zijn plicht als goede gastheer gedaan, en daar was het bij gebleven. Dit neemt niet weg dat aan dit ‘goede’ gebruik een einde dient te komen: goed gastheerschap kan ook op andere manieren worden getoond.

    Het is jammer dat de laatste zinnen van je verhaal afbreuk doen aan je terechte aankaarten van een belangrijk verschijnsel. Wat heeft ‘Griekenland’ nu te maken met antropologische gebruiken in een Afrikaans land?

    Hartelijke groet,
    Fred van der Kraaij

    1. Holisme komt ook in deze zaken voor. Immers alles heeft toch met alles te maken? Trouwens in Nederland krijg je een kopje koffie zonder koekje en de koffie wordt vaak door de gastheer gezet. Gastvrouwen houden zich dan met het hogere bezig.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *