Focus op Liberia en Mali

De verlenging van de Nederlandse deelname aan MINUSMA in Mali

Fred van der Kraaij. Op 9 juni a.s. is het weer zover. Dan gaat het Nederlandse kabinet weer een besluit nemen of het doorgaat met deelname aan de VN-vredesmissie in Mali, MINUSMA. Zal het deze keer net zoals gaan als de vorige keer – eind 2015 – toen er nauwelijks debat over was, noch in het parlement, noch in de opiniebladen, noch op radio of tv? Of staat deze keer de uitslag niet bij voorbaat vast?

De voorgeschiedenis
In december 2013 besloot het kabinet, op basis van een zogenaamde Artikel-100 brief aan de Tweede Kamer, deel te nemen aan de VN-missie MINUSMA in het West-Afrikaanse land Mali. Daar waren begin 2012 gevechten uitgebroken tussen Toeareg-opstandelingen die naar een eigen staat streefden, in het noorden van het land, en de centrale regering. Ontevredenheid binnen het Malinese leger over de zwakke reactie van de regering leidde tot een militaire staatsgreep. De president werd afgezet, het parlement ontbonden, de grondwet buiten werking gezet, een avondklok ingesteld, het gebruikelijke liedje van een staatsgreep. Een machtsvacuüm was echter het gevolg. Jihadisten en terroristen maakten hier handig gebruik van en verjoegen eerst in het noorden de separatisten en dreigden vervolgens op te rukken naar de hoofdstad Bamako. In december 2012 stond het land op instorten.
In januari 2013 greep Frankrijk militair in de ex-kolonie in. Het lukte de Fransen om snel orde op zaken te stellen – althans voorlopig, want veel gewapende rebellen en bandieten vluchtten de grenzen over of verborgen zich in dorpen en steden in het binnenland of in de bergen in de woestijn. De VN steunde de Franse militaire interventie in eerste instantie passief, maar ging tot daden over met de creatie van de vredesmacht MINUSMA, in april 2013. En half jaar later werd een nieuwe democratisch gekozen burgerregering geïnstalleerd. Mali was ogenschijnlijk terug op de rails gezet, maar in feite waren er veel onopgeloste problemen.
Om diverse redenen, waarop ik nu hier niet zal ingaan, besloot Nederland in december 2013 deel te nemen aan de VN-vredesmacht. De Nederlandse deelname liep in beginsel tot eind 2015. Het kabinet zegde tegelijkertijd toe om halverwege 2015 met een evaluatie van de Nederlandse deelname te komen. Deze zou een input vormen in het besluit over een verlenging of beëindiging van de Nederlandse bijdrage aan MINUSMA. In mei 2015 boden de betrokken ministers – Koenders, Ploumen, Hennis en Van der Steur – de Tweede Kamer een tussentijdse evaluatie van de Nederlandse bijdrage aan MINUSMA aan, opgesteld door …. henzelf. In evaluatieland wordt zoiets genoemd: ‘de slager die zijn eigen vlees keurt’. Kortom, dit was geen echte evaluatie, maar een ambtelijk stuk dat een rechtvaardiging moest vormen voor een reeds genomen besluit, namelijk het verlengen van de Nederlandse deelname aan MINUSMA. Dit laatste gebeurde dan ook zonder slag of stoot. Noch in het parlement noch in de nationale pers leidde de verlenging van de Nederlandse militare missie in Mali tot enig noemenswaardig debat – ook al was MINUSMA inmiddels de meest dodelijke VN-vredesmisie sinds het begin van de jaren 90 van de vorige eeuw en lag ‘mission creep’ op de loer. ‘Mission creep’ is de geleidelijke, nauwelijks waarneembare uitbreiding van het mandaat en de doelstellingen van een (vredes)missie. Ik heb hier eerder over geschreven – zie mijn bijdrage van 29 januari j.l. MINUSMA in Mali: van vredesmissie naar vechtmissie.

Huidige situatie
Mali is de afgelopen jaren het epicentrum van de huidige crisis en het terrorisme in de Sahel geworden. Mali kan bestrijding ervan niet alleen aan. We kunnen zelfs stellen dat zonder de Franse interventie Mali niet meer zou hebben bestaan. Dit leidt onvemijdelijk tot de vraag: Is Mali een levensvatbare staat? De problemen van Mali aanpakken wil zeggen: de problemen van onderontwikkeling aanpakken. Welke rol is hierbij voor ‘ontwikkelingssamenwerking’ – in oude vorm of in een nieuwe gedaante – weggelegd? De afkorting MINUSMA staat voor ‘Mission Multidimensionnelle Intégrée des Nations Unies pour la Stabilisation au Mali’, een mondvol, zeg maar ‘multi-dimensiële, geïntegreerde VN-missie voor de stabilisatie van Mali’. Nog steeds een flinke mondvol. De missie kent dus meerdere dimensies: militair, politiek, diplomatiek, ontwikkelingsgericht, en deze dimensies dienen in samenhang, geïntegreerd, uitgevoerd te worden. Daar is in het verleden al veel te doen over geweest, maar niet op een systematische manier. Een gedegen evaluatie had hier licht op kunnen laten schijnen. MINUSMA’s beperkte huidige mandaat verhindert een daadkrachtig en effectief optreden. Frankrijk daarentegen heeft een vrijbrief om te doen wat het goeddunkt. Vanuit het centraal in de Sahelregio gelegen Tsjaad opereert het militair in West-Afrika, Centraal Afrika, en Noord-Afrika, met name in Libië. De samenwerking tussen Frankrijk en MINUSMA is een ‘black box’. Grote ontevredenheid en frustratie binnen de VN-vredesmacht zijn het gevolg. De recente documentaire van filmmaker Robert Oey ging daar voornamelijk over. Ook elders zijn kritische geluiden te horen.

1 juni Mali debat in de stadssschouwburg in Amsterdam
Nederland neemt met 450 militairen deel aan MINUSMA. In de loop van dit jaar zal dit aantal worden verminderd tot 300. De VN-missie bestaat in totaal uit 12.000 militairen en 1.000 mannen en vrouwen burgerpersoneel en is daarmee een van de grootste VN-vredesmissies ter wereld. De voornaamste taak van de Nederlandse militairen in Mali is het verzamelen van informatie, geen eenvoudige opdracht. De Nederlandse bijdrage houdt ook de inzet van vier Apaches (gevechtshelicopters) en drie Chinooks (transporthelikopters) in. De Nederlandse militairen opereren vanuit Gao, in het noorden van Mali, en hebben daar een Nederlands kamp gecrëerd, kamp Castor.
Ondanks de aanwezigheid van 12.000 buitenlandse miltairen is Mali – met een totale oppervlakte gelijk aan die van Frankrijk en Spanje samen, maar met minder wegen – instabiel. De kracht van separatisten, criminelen en terroristen lijkt zelfs toe te nemen. Europa kan zich geen broeinest van jihadisten, terroristen, criminelen, drugsbaronnen en mensensmokkelaars in West-Afrika veroorloven. Hoe kan MINUSMA beter bijdragen aan meer stabiliteit en vrede in Mali? Daar gaat het debat over op woensdagavond 1 juni in de Stadsschouwburg in Amsterdam.
Tijdens de achtste editie van de Oplossers Live gaan wetenschappers uit verschillende vakgebieden deze en andere vragen te lijf. Ze gaan over hun oplossingen in gesprek met een maatschappelijk panel en de zaal.
Een van de deelnemers is de ex-Apache- piloot Peter Gordijn. Hij werd vijf keer door het ministerie van Defensie uitgezonden naar crisigebieden, de laatste keer in Mali. Hij is het geloof in de Nederlandse missies kwijtgeraakt. In een recente uitzending van TV Brandpunt was hij zeer kritisch over het huidige mandaat van MINUSMA. Peter Gordijn deed voor Brandpunt al zijn verhaal voor de tv camera. Tijdens de bijeenkomst op 1 juni zal hij zijn ervaringen en standpunten verder toelichten.

De bijeenkomst is gratis toegankelijk. Kijk op deze site van de Stadsschouwburg Amsterdam voor meer informatie, het precieze programma en om je in te schrijven. Het aantal plaatsen is beperkt!

Meer artikelen over

6 Replies to “De verlenging van de Nederlandse deelname aan MINUSMA in Mali

  1. Binnenkort zal ik schrijven over mijn reis naar Gao en Tombouctou. Ik ben al tot de ontdekking gekomen dat er Gao Ville Civile en Gao Ville Militaire bestaat. Twee geheel gescheiden werelden. Wel interessant hoe deze twee werelden naast elkaar kunnen bestaan! Vooral om te vergelijken hoe mensen daar en in Nederland over denken.

  2. Heel moedig van je om naar Gao en Timboektoe te reizen Aart! Ik hoop dat je heelhuids terugkeert. Het zal heel interessant zijn te horen wat Malinezen nu denken over MINUSMA, over hun eigen regering, en over de toekomst van hun land. Ik kijk uit naar je verdere berichten! Hartelijke groeten en sterkte in deze hete maanden met temperaturen van 40 graden plus (in de schaduw).

  3. Ja Aart goede reis, uitkijken en een behouden terugkeer! Ik ben benieuwd hoe het daar.
    Fred jouw stuk lezend vroeg ik me af hoe de rol van de separatistische Toearegs in de huidige situatie is. Uit de documentaire kwam naar voren dat ze een een behoorlijke dubbelrole rol spelen.
    Groeten allebei!
    Gerda

  4. Ik werk hier momenteel en net zoals alle internationale organisaties is het enige doel geld te verdienen en iets kleins te verwezenlijken. Er worden hier duizenden vergaderingen gehouden per maand met als resultaat….niets. Veel diplomatisch gedoe, veel beloftes, geen resultaten, geen visie en geen doel, typisch Frans dus. Echt wezenlijks is er dus niet veranderd voor de man en vrouw in de straat. Ja, de restaurants draaien iets beter en de bars, maar voor de rest??? Niets. UN-missies dienen een uitvoerende taak te hebben zodat je iets concreets ziet. Geen Frans gepalaver zoals nu. En als de top van de UN of andere missies naar hier komen, dan is het paniek, is het een ongelooflijke goodwill show en alles blijkt dus in orde te zijn voor NY en Brussel. Niets aan de hand. Goede missie? Ja, hoor, natuurlijk want er kan geld verdient worden.

    1. Callens Rudy. Interessant om dat te lezen maar waar werk je precies. In hoeverre is deze Franse stijl algemeen in Frankrijk? In Nederland noemden we dat “met de Franse slag”. Ik neem aan dat je een Vlaamse Belg bent. Kun je me vertellen hoe en waar ik je kan vinden in Mali?

  5. Even een late reactie op de aankondiging van Fred van der Kraaij. Een debat over MINUSMA in Nederland is mooi, maar uiteindelijk moet het Mali debat plaatsvinden in Mali met directe betrokkenheid van de verschillende bevolkingsgroepen, waarbij de vraag rijst hoe die het best vertegenwoordigd kunnen worden. Mijns inziens kunnen de volgende drie invalshoeken richting geven aan het debat: (1) traditionele islam; (2) veiligheid & vertrouwen; en (3) levensonderhoud. Zie verder http://wp.me/pGaM4-DJ.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *