Opinie

De persvrijheid in Tanzania gaat bergafwaarts

Muthoki Mumo – IPS. Sinds het aantreden van president John Magufuli is het in Tanzania bergafwaarts gegaan met de persvrijheid. De zaak van de verdwenen journalist Azory Gwanda staat daarvoor symbool, zegt Muthoki Mumo van het Comité voor de Bescherming van Journalisten (CPJ) in Afrika ten zuiden van de Sahara.

De Tanzaniaanse minister van Informatie Harrison Mwakyembe vroeg zich onlangs in het parlement af waarom mensen nog vragen naar het lot van Azory Gwanda, een freelance journalist die in november 2017 verdween in de kustregio. Gwanda was tenslotte niet de enige vermist geraakte in die regio in Tanzania. Ook overheidsfunctionarissen zijn er verdwenen, en waarom zou het alleen over Gwanda moeten gaan?

De verklaring kwam niet eens als een verrassing. Ze past in een patroon van ontkenning als het gaat om de vraag waar Gwanda is.

Die vraag is belangrijk, omdat het verhaal van Gwanda laat zien hoe drastisch de situatie voor de pers verslechterd is onder het presidentschap van Magufuli. Tanzaniaanse journalisten hebben dit jaar op de Dag van de Persvrijheid, 3 mei, minder te vieren en meer te vrezen.

Verdachte omstandigheden
Gwanda schreef voor de kranten Mwananchi en The Citizen. Een van de laatste mensen die hem gezien heeft, was zijn vrouw Anna Pinoni. Zij zegt dat hij onder verdachte omstandigheden is verdwenen. Gwanda kwam, vergezeld van onbekende mannen in een witte landcruiser naar hun boerderij. Hij vroeg waar de huissleutels waren en zei dat hij snel ergens naartoe moest en binnen een dag terug zou zijn. Pinoni ontdekte later dat hun huis doorzocht was en op 23 november 2017 gaf ze haar man als vermist op.

Ondanks de verdachte omstandigheden, vragen aan de Tanzaniaanse media, internationale ngo’s en zelfs een brief van Verenigde Naties in juli 2018, is er geen geloofwaardig onderzoek gedaan naar de verdwijning. Aanvankelijk beloften werden niet nagekomen.

Minister van Binnenlandse Zaken Kangi Lugola stelde in juli vorig jaar dat het geen zaak is van de autoriteiten om te interveniëren. Later suggereerde hij dat Gwanda wellicht op eigen initiatief is vertrokken.

Lugola’s voorganger op Binnenlandse Zaken, Mwigulu Nchemba, waarschuwde in januari 2018 dat mensen “hun mond moeten houden” over verdwijningen, tenzij ze bewijs hebben voor de politie.

Mysterieuze verdwijningen
Voor zijn verdwijning schreef Gwanda over mysterieuze verdwijningen en ontvoeringen, inclusief die van politiemensen en plaatselijke overheidsfunctionarissen. Pinoni verklaarde in 2017 tegenover Mwananchi te vermoeden dat zijn verdwijning daarmee te maken heeft.

Het falende onderzoek naar deze zaak laat zien hoe de regering staat tegenover de veiligheid van Tanzanianen die mogelijk eenzelfde lot wacht als ze de “verkeerde vragen” stellen.

Magafuli, die zichzelf neerzet als vijand van corruptie toen hij in 2015 het roer overnam, heeft zich sindsdien ontpopt als vijand van de pers en vrije meningsuiting.

Vorig jaar documenteerde het Comité ter Bescherming van Journalisten (CPJ) de zaak van journalist Sitta Tumma, die gearresteerd werd toen hij verslag deed van een demonstratie van de oppositie. De autoriteiten beweerden later dat ze niet wisten dat hij een journalist was.

Publicatieverbod
Sinds 2017 kregen minstens vijf kranten een verbod opgelegd op grond van dubieuze beschuldigingen, variëren van ‘fake news’ tot het aanzetten tot geweld en opruiing. In bijna alle gevallen waren de verboden gericht op media die vraagtekens zetten bij het officiële verhaal van de overheid.

De krant The Citizen kreeg dit jaar een publicatieverbod voor een week, na publicaties over de zwakkere munt en de staat van de Tanzaniaanse democratie. Vijf tv-zenders kregen in januari 2018 boetes omdat ze aandacht besteedden aan een rapport van een ngo over mensenrechtenschendingen tijdens de verkiezingen in 2017.

De repressie wordt ondersteund door wetgeving. Op basis van de zogenoemde Statistiekwet wordt bepaald in hoeverre journalisten, academici en burgers officiële overheidsdata kunnen opvragen. De Cybercrimewet werd gebruikt om druk uit te oefenen op een online forum om de identiteit van gebruikers vrij te geven. Bloggen is een extreem dure aangelegenheid geworden, doordat blogs officieel geregistreerd moeten worden en de overheid daar honderden dollars voor vraagt.

Campagne #WhereIsAzory
De Media Services Act uit 2016 hindert de persvrijheid door vage eisen te stellen, bijvoorbeeld dat berichtgeving niet “ondermijnend” mag zijn. Ook zouden bepaalde werkzaamheden alleen gedaan mogen worden door journalisten met een “vergunning” of accreditatie. In maart besliste de East African Court of Justice (EACJ) dat Tanzania de wet moet aanpassen.

Later dit jaar vinden in Tanzania lokale verkiezingen plaats en voor volgend jaar staan presidentsverkiezingen gepland. Uit gebeurtenissen in andere landen weten we dat verkiezingen een verhoogd risico op repressie met zich meebrengen voor journalisten.

Daarom is het nu het moment om te vragen te stellen bij het lot van Azory Gwanda, en de situatie van alle andere Tanzaniaanse journalisten. Het CPJ heeft daarom onlangs de campagne #WhereIsAzory gelanceerd. De kracht van internationale solidariteit moet niet onderschat worden.

Angela Quintal en ik hebben de kracht daarvan vorig jaar zelf ervaren, toen we een nacht werden vastgehouden en verhoord. De steun vanuit Tanzania en daarbuiten, is volgens ons cruciaal geweest voor onze veilige vrijlating.

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *