Boeken

De Automobielclub van Cairo

automobielclubMiriam Grootscholten. De Egyptische schrijver Alaa Al Aswani, bekend geworden met Het Yacoubian, vindt dat hij zijn stem moet laten horen. Hij nam deel aan de acties op het Tahrirplein tijdens de Arabische lente en is hoopvol gestemd over de toekomst van zijn geboorteland. Al in 2013 schreef hij een allegorische roman hierover, die nu in het Nederlands is vertaald.

In een interview met The Guardian zei Aswani (Cairo, 1957) dat het moeilijk is om, als je zo’n grote gebeurtenis meemaakt en er middenin zit, erover te schrijven. Daar is afstand voor nodig en die had hij een paar jaar later wél : hij schreef een roman over de revolutie en die mag er zijn.
Het boek lijkt in eerste instantie heel ergens anders over te gaan; het speelt zich af in een heel andere tijd, namelijk de jaren veertig van de vorige eeuw. Egyptenaren, Europeanen, dienaren en hun meester, zelfs Koning Faroek, al dan niet in het gezelschap van een aantal dames, ze zijn allemaal in de Automobielclub van Cairo. Een sjieke club waar men in redelijke anonimiteit kan eten, drinken en pokeren. Aswani kent de club vanuit zijn kinderjaren; zijn vader was er de advocaat van. In de club ontstaat een kleine revolutie. De dienaren worden al decennialang mishandeld door hun despotische manager. Deze strijd is een allegorie van wat er tijdens de Arabische lente gebeurde, met dezelfde vragen: is iedereen er wel klaar voor, voor de vrijheid? Is men bereid de prijs te betalen? Of is het leven onder de dictator inmiddels zo bekend en vertrouwd dat het feitelijk geaccepteerd is?
De vraag of het volk klaar is voor de vrijheid is, is zowel in de roman als in het huidige Egypte de kernvraag. `Nee’, zegt Alaa al Aswani. `Maar het begin is gemaakt.’ In de roman is er een handvol rebellen die de anderen angst inboezemen, angst om hun zekerheden te verliezen. Ze zouden wel willen dat hun manager hen niet meer mishandelt en geld afhandig maakt wanneer hij daar reden toe ziet, maar ze geloven niet dat het mogelijk is dat dat ooit zal gebeuren.
Een van de rebellen is Kamil Ga’far, student en tweede zoon van het gezin Ga’far dat vanuit het zuiden naar Cairo verhuist nadat de vader zijn werk is kwijtgeraakt. De worsteling van de gezinsleden vanuit rijkdom naar een moeilijker bestaan vormt het mooiste gedeelte van de roman. Zoals de studerende dochter Sahla die uitgehuwelijkt wordt aan een rijke man, wat op een mislukking uitdraait. De dommige maar mooie zoon Mahmood, die zich tijdens het afleveren van maaltijden van de Automobielclub laat versieren door oudere dames en daar met zijn buurjongen een winstgevende onderneming van maakt. De verhalen geven kleur aan deze lijvige roman, waarin Alaa al Aswani geen blad voor de mond neemt en wederom bewijst een van de beste Egyptische schrijvers van het moment te zijn.

Reacties

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *