Economie Nieuws

Arbeidsmigrant in Marokko kan geen geld naar huis sturen

Danielle Engolo – IPS. Arbeidsmigranten de mogelijkheid geven geld terug te sturen naar hun thuislanden, is een van de doelstellingen van het Migratiepact. In Marokko, waar het pact gisteren door 164 landen werd goedgekeurd, kan dat niet op legale wijze.

Geld naar achtergebleven familie sturen is voor veel arbeidsmigranten belangrijk. De Marokkaanse wetgeving staat echter beperkte geldtransfers naar het buitenland toe.
'Ik werk al meer dan vier jaar in Marokko, maar ik heb nooit geld in Congo kunnen investeren', zegt Esther, een Congolese migrant die als journalist in Marokko werkt. 'Ik kan mijn familie niet helpen omdat Marokkaans geld niet naar het buitenland mag.'

Migranten sturen wereldwijd jaarlijks honderden miljarden dollars naar huis. De Marokkaanse diaspora speelt hierin een aanzienlijke rol: geldtransfers door Marokkaanse migranten bedroegen meer dan 60 miljard dollar in 2015, ofwel 6 procent van het bruto binnenlandse product (bbp), blijkt uit cijfers van de Wereldbank.
Ondanks het feit dat Marokko zich bewust is van de rol die de Marokkaanse diaspora speelt in de Marokkaanse economie, staat het migranten in eigen land niet toe bij te dragen aan de ontwikkeling van hun thuislanden.

Diefstal
Net zoals de meeste migranten in Marokko – de meerderheid komt uit landen in Afrika ten zuiden van de Sahara – gebruikt Esther niet-officiële kanalen om haar familie te onderhouden. Het geld wordt overgemaakt via een agent in Marokko.

'Ik heb verschillende keren geld gestuurd via deze informele netwerken, maar ik voelde me daar niet prettig bij omdat het risicovol is', zegt ze. 'Meestal ken je de persoon met wie je onderhandelt niet goed. Hij of zij kan er met je geld vandoor gaan.'

Twee jaar geleden overkwam dat haar neef, die ook in Marokko werkt. 'Hij stuurde geregeld geld terug via een vriend. Op een dag gaf hij hem 17.000 dirham (ongeveer 1.500 euro), om over te maken naar zijn familie. Maar die vriend verdween met het geld.'

Hoge reiskosten
Om dergelijke risico’s te vermijden, zoeken migranten andere strategieën, zoals een jaarlijkse ‘fiscale pelgrimage’. Ze nemen het maximaal toegestane bedrag mee de grens over. Emilie, een Congolese kapster in Casablanca, gaat elke zes maanden terug naar Congo om merchandise te kopen en haar verdiensten op een Congolese bankrekening te storten.

'Het kan niet anders. Ik moet geregeld terug om mijn geld te kunnen sparen, want ik kan niet met een grote hoeveelheid Marokko uit', zegt Emilie.

Hoewel via deze optie oneerlijke tussenpersonen buiten spel worden gezet, kost het relatief veel. Voor veel migranten zijn de reiskosten te hoog. Zij kunnen van deze strategie geen gebruik maken.

Bureaucratie
Wat veel migranten niet weten, is dat de Marokkaanse wet toestaat om jaarlijks 10.000 dirham (ongeveer 920 euro) direct naar afzonderlijke familieleden te sturen. Voor deze methode is echter veel papierwerk nodig en moeten identiteitsbewijzen overlegd worden.

Ook moeten gezinsleden dezelfde naam hebben. Als dat niet het geval is – wat vaak voorkomt bij familieleden in Afrika ten zuiden van de Sahara – weigert de bank de opdracht, of wordt gevraagd om extra papieren die goedgekeurd moeten worden door de ambassade.

Vaak weigeren banken eenvoudigweg om mee te werken.

Migratiepact
Doelstelling 22 van het Migratiepact dat gisteren in Marrakesh aangenomen, is erop gericht om mechanismen op te zetten voor de overdraagbaarheid van sociale zekerheidsrechten en inkomsten. Welke gevolgen het pact krijgt voor de situatie in Marokko, is nog niet duidelijk.

Esther wil een appartement kopen in Congo van haar verdiende geld, maar momenteel is dat door de beperkte transfermogelijkheden geen optie. 'Als ik vandaag terugga naar mijn land, heb ik daar niets', zegt ze. 'Dat is echt zonde, na zoveel jaren werk.'

Wereldwijde migratie
Noord-Afrika telt relatief weinig arbeidsmigranten: slechts 1 procent van het wereldwijde aantal. De meeste arbeidsmigranten zijn te vinden in Noord-Amerika (23 procent) en Noord-, Zuid-, en West-Europa (23,9 procent) blijkt uit vorige week gepubliceerde cijfers van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO).

Reacties

Geef een reactie